Het schijnt dat de ex -CEO van Philips, Cor Boonstra, een jazzliefhebber is. Althans, dat valt af te leiden uit het feit dat hij op de hoes van de CD “Monk” van het trio Bennink, Borstlap, Glerum als producer staat vermeld. Dat zou hij best wat vaker kunnen doen, want de jazzwereld heeft grote behoefte aan kapitaal. Zeker voor dit soort niet – commerciele projecten.

Centraal op deze CD staat het werk van pianist Thelonius Monk (1917-1982), een bekende voor elke jazzliefhebber, maar hopelijk wordt hij opnieuw ontdekt door de nieuwe generatie jazzliefhebbers. Kenmerkend voor Monk’s stijl als componist zijn de vaak complexe harmonieen en afwijkende ritmes. Als pianist geldt Monk als een van de  grondleggers van de Be-Bop, vooral door zijn vroege werk in de New Yorkse Jazzclub “Minton’s Playhouse” in de jaren veertig van de vorige eeuw, waar de bebop zo’n beetje is uitgevonden.

Opvallend aan de CD is dat de bekende Monk’s classics zoals “Round Midnight”  ontbreken, wellicht ook omdat als je dit opneemt, het wel erg veel copy & paste wordt. Desondanks  schreef de Nederlandse pers in dit soort bewoordingen over de CD in het algemeen en Michiel Borstlap’s spel in het bijzonder.

Wat mij in eerste instantie opviel aan het spel van Borstlap is de bijna gepolijste stijl waarmee hij het werk van Monk vertolkt. Waar Monk zelf een wat bonkige stijl hanteerde die zijn werk obstinaat en penetrant doet klinken, hanteert Borstlap bijna een Bill Evans touch, vooral op track 11 Let’s Cool One is dat te horen. Dat is even wennen. Wat verder opvalt is dat er op You Tube een aantal opnames van het trio staan met Monk werk, maar dan wel met de bekende Monk classics en  dat Borstlap op die live optredens veel geinspireerder klinkt dan op deze CD.

Dan de geweldige Ernst Glerum, de man die als verbinding werkt tussen Borstlap en Bennink, het cement tussen de stenen. Melodieus, fijnbesnaard, superieure techniek vooral in de hogere regionen en swingend all the way. Wat een bassist. Gelukkig heeft Ernst onlangs een mooie Jazzprijs gewonnen als erkenning voor zijn talent. Hij speelt al op de eerste track een fantastische solo, maar ook zijn intro begeleiding met een soort 6/8 maat op track 6 Epistrophy waarna hij en Bennink mooi overgaan in een 4/4 is prachtig gevonden. En dan zijn solo op track 11 Let’s Cool One vind ik wonderschoon.

En dan, ja Han Bennink. Befaamd al vanaf de begin jaren zestig in de vorige eeuw. Enerzijds creatief en innoverend, mooie techniek ook. Anderzijds weet ik nooit zo goed wat ik aan moet met dat op de vloer trommelen en met je schoenen op de snaredrum gaan zitten, clownesk zou ik het willen noemen.

Overigens wist mijn broer nog een aardige sidestory te vertellen. Hij was in (waarschijnlijk) 1962 in de Sheherezade in de Amstelstraat in Amsterdam,  bij een optreden van saxofonist Johnny Griffin. Griffin werd begeleid door Nederlandse musici en speelde geen uptempo, maar “razendsnelletempo” nummers. De drummer die avond was John Engels maar helaas was Griffin niet tevreden. En wie zat er in de zaal ? Juist Han Bennink en die moest John vervangen en kon kennelijk beter uit de voeten met de waanzinnige Griffin tempo’s. Leuk voor Bennink, sneu voor Engels. Maar dat is allemaal goed gekomen.

Op de “Monk” CD betracht Bennink de voor drummers ultieme vorm van het weglaten, namelijk spelen op alleen de snare met brushes, af en toe een stick. Met veel minder kun je niet toe lijkt me. Maar creatief is het wel. Zonder echt technische hoogstandjes geeft Bennink de CD een extra dimensie mee, geen standaard drumwerk in ieder geval. Bovendien zijn de drumpartijen van Bennink dominant ingemixt met de nodige echo zodat het meer een meespelend dan begeleidend instrument is geworden. Op track 8 Bye-Ya speelt Bennink een goed gevonden Latin ritme dat er goed bij past en melodieuze ondersteuning geeft. Soms vliegt hij qua timekeeping wat uit de bocht maar gelukkig houdt Ernst de zaken in het gareel, zoals bijvoorbeeld bij het nummer Pannonica (de naam van Monk’s vriendin overigens). Persoonlijk had ik het na zes nummers met alleen snare met brushes wel gehad en had ik graag wat meer sticks and drums gehoord.

Alles bij elkaar een bijzondere CD qua productie, muzikale invulling en artisticiteit. Ik zou de liefhebber aanraden deze plaat te volgen met de “art of listening techniek” zoals beschreven in het artikel hierover op deze blog bij de categorie JazzRepertoire. Want het is geen CD om te beluisteren als achtergrondmuziek bij het schillen van de piepers !

Trio BBGMonk

Label: GrameryPark Music, “Monk Volume One”, 900.0451.020


0 Responses to “Drummer’s Hoek: Han Bennink op “Monk””



  1. Geef een reactie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s




Bob van Eekhout is drummer en leider van Jazz Trio JazzTraffic, jazz recensent van HVT Magazine en Blogger

Bob van Eekhout drummer Jazz Trio JazzTraffic

Jazz Trio JazzTraffic. Uw Jazzband voor een gezellige sfeer en goede achtergrondmuziek

Jazz Trio JazzTraffic

De Millers Tribute Band

Muzikaal programma met muziek van The Millers Sextet

De Millers Tribute Band

OOSTERDOK Jazz Trio

Nederlands Jazz Archief

Logo Nederlands Jazz Archief

Van-Ons.nl WordPress Development

Van-Ons.nl WordPress Development & Training

Populaire berichten

JazzTraffic

Oeps: Twitter reageert niet. Wacht svp een paar minuten en ververs deze pagina.

Enter your email address to subscribe to this blog and receive notifications of new posts by email.

Doe mee met 314 andere volgers

Jazz Near You


%d bloggers liken dit: